Zijn mantelzorgwoningen geschikt voor rolstoelgebruikers?
Ja, mantelzorgwoningen kunnen geschikt worden ontworpen voor rolstoelgebruikers. Zij moeten voldoen aan de bruikbaarheidseisen uit het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) en kunnen aanvullend worden aangepast aan individuele zorgbehoeften. De planologische status onder de Omgevingswet verandert…
Mantelzorgwoningen kunnen volledig geschikt worden gemaakt voor rolstoelgebruikers, mits het ontwerp rekening houdt met voldoende manoeuvreerruimte, drempelloze toegang en aangepaste sanitaire voorzieningen. Juridisch blijft de woning een woonfunctie in de zin van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl), waarbij minimale eisen voor bruikbaarheid en veiligheid gelden.
Kort samengevat: rolstoelgeschiktheid is technisch goed mogelijk, maar vereist specifieke ontwerpkeuzes binnen het kader van het Bbl.
Het Bbl bevat eisen voor bruikbaarheid en toegankelijkheid van woonfuncties. Deze zien onder meer op minimale doorgangsbreedtes, plafondhoogte en bereikbaarheid van voorzieningen. Hoewel niet iedere woning volledig rolstoeltoegankelijk hoeft te zijn, moeten woonfuncties veilig en bruikbaar worden ontworpen.
Voor rolstoelgebruikers zijn doorgaans bredere deuropeningen (bijvoorbeeld 90 cm), voldoende draaicirkels in woon- en sanitaire ruimten en een drempelloze entree noodzakelijk. Ook kan een aangepaste badkamer met inrijdbare douche en steunbeugels worden gerealiseerd.
Een concreet voorbeeld: een mantelzorgwoning van 65 m² wordt ontworpen met brede gangen, schuifdeuren en een aangepaste badkamer. De vloer wordt zonder hoogteverschillen aangelegd en de entree krijgt een hellingbaan. Hiermee wordt voldaan aan de bruikbaarheidseisen en is de woning geschikt voor rolstoelgebruik.
Wat bij de gemeente moet worden nagegaan, is of een grotere oppervlakte nodig is om rolstoeltoegankelijkheid mogelijk te maken en of dit binnen het omgevingsplan past. Indien de woning groter moet worden dan de vergunningvrije grens, kan een omgevingsvergunning vereist zijn op grond van artikel 5.1 Omgevingswet.
De mantelzorgrelatie moet blijven voldoen aan artikel 1.1.1 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015). In sommige gevallen kan een maatwerkvoorziening worden verstrekt voor specifieke woningaanpassingen.
Vanuit civielrechtelijk perspectief blijft de woning bij duurzame plaatsing een onroerende zaak in de zin van artikel 3:3 Burgerlijk Wetboek. Toegankelijkheidsaanpassingen kunnen de marktwaarde beïnvloeden en worden meegenomen in de WOZ-waardering conform artikel 17 Wet WOZ.
De essentie is dat mantelzorgwoningen geschikt kunnen worden gemaakt voor rolstoelgebruikers, mits het ontwerp voldoet aan de bouwtechnische eisen en voldoende ruimte biedt. De juridische status van de woning verandert niet door deze aanpassingen.
Lees ook ons artikel over Zijn mantelzorgwoningen geschikt voor jonge gehandicapten?.
Bronnen
- [Besluit] Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) — Bruikbaarheid en toegankelijkheid woonfunctie — geraadpleegd 2026-02-21
- [Wet] Omgevingswet — art. 5.1 — Vergunningplicht bouwactiviteiten — geraadpleegd 2026-02-21
- [Wet] Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 — art. 1.1.1 — Definitie mantelzorg — geraadpleegd 2026-02-21
- [Wet] Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 — Maatwerkvoorziening woningaanpassing — geraadpleegd 2026-02-21
- [Wet] Burgerlijk Wetboek Boek 3 — art. 3:3 — Onroerende zaak — geraadpleegd 2026-02-21
- [Wet] Wet waardering onroerende zaken — art. 17 — Waardebepaling — geraadpleegd 2026-02-21
- [Besluit] Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) — Omgevingsplanregels — geraadpleegd 2026-02-21
- [Wet] Algemene wet bestuursrecht — Handhaving — geraadpleegd 2026-02-21
- [Uitleg] IPLO — Toegankelijkheidseisen onder de Omgevingswet — geraadpleegd 2026-02-21
