← Kennisbank
Vergunning 2 min lezen

Moet ik onroerendezaakbelasting (OZB) betalen over een mantelzorgwoning?

In beginsel niet afzonderlijk, maar de waarde van een mantelzorgwoning wordt wel meegenomen in de WOZ-waarde van het perceel. Hierdoor kan de totale OZB stijgen. De heffing volgt uit de Gemeentewet en de waardebepaling uit de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ).

Ouder echtpaar in hun zomerse tuin

Of u afzonderlijk onroerendezaakbelasting (OZB) betaalt over een mantelzorgwoning, hangt af van de wijze waarop de woning juridisch is gekwalificeerd en gewaardeerd. In de praktijk wordt geen aparte OZB-heffing opgelegd voor de mantelzorgwoning als afzonderlijk object, maar wordt de waarde ervan meegenomen in de totale WOZ-waarde van het perceel.

Kort samengevat: u betaalt geen aparte OZB voor de mantelzorgwoning, maar de totale WOZ-waarde kan stijgen, waardoor de OZB hoger uitvalt.

De grondslag voor de OZB ligt in artikel 220 van de Gemeentewet. Gemeenten heffen OZB op basis van de waarde van een onroerende zaak. Die waarde wordt vastgesteld volgens artikel 17 van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ), waarin is bepaald dat de waarde van het object wordt vastgesteld op basis van de waarde in het economische verkeer.

Wanneer een mantelzorgwoning duurzaam met de grond is verbonden, kwalificeert zij als onroerende zaak in de zin van artikel 3:3 Burgerlijk Wetboek. Door natrekking (artikel 5:20 BW) wordt zij onderdeel van het perceel. De waarde van de mantelzorgwoning wordt dan meegenomen in de totale WOZ-waardering van het hoofdobject.

Een concreet voorbeeld: een woning heeft een WOZ-waarde van € 450.000. Na plaatsing van een mantelzorgwoning van 60 m² wordt de waarde vastgesteld op € 500.000. De gemeente past het OZB-tarief toe op de nieuwe WOZ-waarde, waardoor de jaarlijkse belasting stijgt.

Indien de mantelzorgwoning niet duurzaam met de grond is verbonden (bijvoorbeeld bij tijdelijke, niet-verankerde plaatsing), kan discussie ontstaan over de kwalificatie als onroerende zaak. In de praktijk worden de meeste mantelzorgwoningen echter als onroerend aangemerkt.

Wat bij de gemeente moet worden nagegaan, is hoe de WOZ-waarde wordt vastgesteld en of bezwaar mogelijk is indien de waardestijging onjuist wordt geacht. Op grond van de Wet WOZ kan binnen zes weken bezwaar worden gemaakt tegen de vastgestelde waarde.

De planologische toelaatbaarheid onder artikel 5.1 Omgevingswet en de naleving van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) staan los van de OZB-heffing, maar bepalen wel of de woning rechtmatig is geplaatst en daarmee onderdeel vormt van het belastbare object.

De essentie is dat er geen aparte OZB voor de mantelzorgwoning bestaat, maar dat de aanwezigheid ervan kan leiden tot een hogere WOZ-waarde en daarmee tot een hogere belastingdruk.

Bronnen

Benieuwd wat er op úw erf mag?

We komen langs, meten in en toetsen de mogelijkheden. Gratis en vrijblijvend.

Plan een gratis adviesgesprek
Lees ook